Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 november 2025 in de zaak tussen
[eiseres] , [V-Nummer 1] , eiseres
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Samenvatting
Procesverloop
[geboortedatum 2] 2011), en [eiser 3] (geboren op [geboortedatum 3] 2017).
artikel 8 van Pro het EVRM [1] . Verweerder heeft dit verzoek afgewezen en het bezwaar daartegen ongegrond verklaard. Eiseres heeft beroep ingesteld bij deze rechtbank en de verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Deze rechtbank heeft in een uitspraak van 29 mei 2018 het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. [2]
Beoordeling door de rechtbank
29 mei 2018. De rechtbank heeft op deze vraag geen duidelijke en concrete reactie gekregen. De rechtbank ziet ook verder niet dat er iets in de situatie van eiseres en referent is veranderd waardoor nu, in tegenstelling tot in de uitspraak van 29 mei 2018, wel sprake is van een duurzame en exclusieve relatie. Eisers zijn al sinds 2016 niet in Nederland en eiseres en referent hebben elkaar al negen jaar niet gezien. Hoewel de rechtbank kan begrijpen dat het voor eiseres en referent lastig is om een ontmoeting te realiseren, vormt het feit dat geen ontmoeting heeft plaatsgevonden en evenmin is geprobeerd om elkaar te ontmoeten, wel een indicatie dat geen sprake is van een duurzame en exclusieve relatie. De overgelegde whatsappgesprekken zijn verder van beperkte hoeveelheid, kort en oppervlakkig. Een duurzame en exclusieve relatie moet op één lijn zijn te stellen met een huwelijk. Gelet daarop, mag van whatsappgesprekken meer diepgang worden verwacht. Hoewel de rechtbank daarnaast ziet dat er wel al die jaren contact is geweest tussen referent en eiseres, is de rechtbank van oordeel dat dit enkele feit nog niet wil zeggen dat sprake is van een duurzame en exclusieve relatie. De rechtbank ziet verder dat referent geld aan eiseres overmaakt voor het levensonderhoud van haar en de kinderen. Maar ook uit dit enkele feit volgt naar het oordeel van de rechtbank niet zonder meer dat sprake is van een duurzame en exclusieve relatie.
22 juli 2024 is geslaagd voor het inburgeringsexamen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.I.G.A Karregat, griffier.