ECLI:NL:RBDHA:2025:22229

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 oktober 2025
Publicatiedatum
25 november 2025
Zaaknummer
C/09/688569 / KG ZA 25-711
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1.1 Aanbestedingswet 2012Art. 3.35 Aanbestedingswet 2012Art. 3.74 Aanbestedingswet 2012Art. 2.116 Aanbestedingswet 2012Art. 6:119 Burgerlijk Wetboek
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering intrekking gunningsbeslissing aanbesteding DSMR6 E-meter

Iskraemeco heeft de netbeheerders gedagvaard wegens een geschil over de aanbestedingsprocedure voor raamovereenkomsten betreffende de DSMR6 E-meter. Zij vordert onder meer de intrekking van de gunningsbeslissing van 27 juni 2025 en een nieuwe gunningsbeslissing waarbij zij wordt betrokken.

De kern van het geschil betreft de vraag of Sagemcom terecht als GPA Candidate is aangemerkt en of de inschrijvingen van Kaifa en Sagemcom abnormaal laag, irreëel of manipulatief zijn. De voorzieningenrechter oordeelt dat het begrip 'assembly' in de aanbestedingsstukken duidelijk is en dat Sagemcom aannemelijk heeft gemaakt dat de assemblage van de E-meter in Frankrijk zal plaatsvinden, een GPA-land.

Ten aanzien van de prijzen oordeelt de rechter dat er geen verplichting bestond om abnormaal lage inschrijvingen uit te sluiten en dat de inschrijvingen van Kaifa en Sagemcom niet als manipulatief of irreëel kunnen worden aangemerkt. De vorderingen van Iskraemeco worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten van de netbeheerders, Kaifa en Sagemcom.

Uitkomst: De vorderingen van Iskraemeco tot intrekking van de gunningsbeslissing worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/688569 / KG ZA 25-711
Vonnis in kort geding van 15 oktober 2025
in de zaak van
de rechtspersoon naar buitenlands recht
ISKRAEMECO D.D.te Kranj (Slovenië),
eiseres,
advocaat mr. N.A.D. Groot te Rotterdam,
tegen:

1.ALLIANDER N.V.te Arnhem,

2.
ENEXIS NETBEHEER B.V.te ’s-Hertogenbosch,
3.
STEDIN NETBEHEER B.V.te Rotterdam,
4.
N.V. JUVAte Westland,
gedaagden,
advocaat mr. T. van Wijk te Arnhem,
waarin zijn tussengekomen:

1.KAIFA TECHNOLOGY NETHERLANDS B.V.te Rosmalen

advocaat: I.J.M.I. Souren,
en
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht
SAGEMCOM ENERGY & TELECOM SASte Parijs (Frankrijk),
advocaat: R. van Tricht.
Eiseres wordt hierna aangeduid als ‘Iskraemeco’. Gedaagden worden hierna gezamenlijk aangeduid als ‘de netbeheerders’. Interveniënt sub 1 wordt hierna ‘Kaifa’ genoemd en interveniënt sub 2 wordt hierna ‘Sagemcom’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 16 juli 2025 met producties;
- de akte houdende nadere onderbouwing vorderingen, tevens overlegging producties;
- de conclusie van antwoord;
- de van de zijde van Kaifa ingediende incidentele conclusie tot tussenkomst en voeging;
- de van de zijde van Sagemcom ingediende incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging;
- de op 22 september 2025 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door Iskraemeco en Kaifa pleitnotities zijn overgelegd.
1.2.
De datum voor vonnis is tenslotte bepaald op vandaag.

2.De incidenten tot tussenkomst

2.1.
Kaifa en Sagemcom hebben gevorderd te mogen tussenkomen in de procedure tussen Iskraemeco en de netbeheerders dan wel zich te mogen voegen aan de zijde van de netbeheerders. Ter zitting hebben Iskraemeco en de netbeheerders verklaard geen bezwaar te hebben tegen de tussenkomst. Kaifa en Sagemcom zijn vervolgens toegelaten als tussenkomende partij, aangezien zij aannemelijk hebben gemaakt dat zij daarbij voldoende belang hebben. Voorts is niet gebleken dat de tussenkomst aan een voortvarende afdoening van dit kort geding in de weg staat. Hierdoor ontstaat er ook geen strijd met de goede procesorde in het algemeen.

3.De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
3.1.
De netbeheerders zijn verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de elektriciteitsnetten op lokaal en regionaal niveau in Nederland. Zij kwalificeren als speciale-sectorbedrijf in de zin van artikel 1.1 Aanbestedingswet 2012 (Aw). Op 5 juni 2024 hebben de netbeheerders de aanbesteding ‘DSMR6 E-meter’ aangekondigd (hierna: de aanbesteding). Deze aanbesteding is onderdeel van een reeks aanbestedingen, gericht op een nieuw te introduceren (en nog te ontwikkelen) meterconcept (DSMR6). Met de aanbesteding beogen de netbeheerders (ieder) twee raamovereenkomsten te sluiten voor de ontwikkeling, productie en levering van een E-meter. De e-meter wordt onder meer gebruikt om energieverbruik en - productie te registreren voor factureringsdoeleinden. De raamovereenkomsten hebben een initiële looptijd van 8 jaar, en kunnen driemaal met 2 jaar worden verlengd. Gedurende deze periode zullen de netbeheerders naar verwachting bijna acht miljoen e-meters afnemen. De geraamde waarde van de opdracht bedraagt in totaal € 592.517.432,00 exclusief btw.
3.2.
De aanbesteding volgt de onderhandelingsprocedure met aankondiging zoals bedoeld in artikel 3.35 Aw en bestaat uit onder meer uit de selectiefase en de gunningsfase. De selectiefase staat onder meer beschreven in de selectieleidraad ‘Selection Guidelines DSMR6 E-meter’ (hierna: Selection Guidelines).
3.3.
In de selectiefase beogen de netbeheerders aan de hand van selectiecriteria de zes best scorende gegadigden (“Candidates”) te selecteren voor deelname aan de gunningsfase. In 2.2.5 van de Selection Guidelines is onder meer een definitie gegeven van een ‘GPA Candidate’ en van een ‘Non-GPA Candiate’:
3.4.
Het onderscheid tussen een GPA Candidate en een Non-GPA Candidate speelt zowel in de selectiefase als de gunningsfase van de aanbesteding een belangrijke rol omdat de netbeheerders als voorwaarde stellen dat ten minste één van de twee raamovereenkomsten die zij wil sluiten wordt gesloten met een inschrijver die een GPA Candidate is. De netbeheerders maken dit onderscheid om de (algemene) doelstellingen van DSMR6 te verwezenlijken, een optimale voorzieningszekerheid te handhaven, een verspreiding van de oorsprong van onderdelen en/of (ruwe) materialen te waarborgen, en om het risico van verstoringen van de logistieke processen te beperken. Artikel 1.3.3. van de Selection Guidelines bepaalt:
In 2.2.5 van de Selection Guidelines is onder meer het volgende opgenomen:
3.5.
Tijdens de selectiefase zijn door gegadigden verschillende vragen gesteld over de GPA-status en de daaraan verbonden voorwaarden. Vraag 16 van de Nota van Inlichtingen (hierna: NvI) luidt:
Het antwoord op deze vraag luidt:
Vraag 17 van de NvI luidt:
Het antwoord daarop luidt:
Vraag 36 van de NvI luidt:
Het antwoord daarop luidt:
3.6.
Iskraemeco heeft bij haar aanmelding verklaard GPA Candidate te zijn. Op 28 oktober 2024 hebben de netbeheerders Iskraemeco bevestigd dat zij als GPA Candidate tot de gunningsfase van de aanbesteding is toegelaten.
3.7.
De gunningsfase staat beschreven in de Award Guidelines (hierna: de gunningsleidraad). Blijkens artikel 4.1.1 van de gunningsleidraad wordt de opdracht (met inachtneming van de bepalingen omtrent de GPA-status van de inschrijvers) gegund op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding. De prijscomponent telt voor 40% in de totale beoordeling van de inschrijving. Inschrijvers hebben een prijzenblad moeten invullen, op basis waarvan de netbeheerders de score voor de prijscomponent op relatieve wijze hebben bepaald. Artikel 4.1.3. van de gunningsleidraad bepaalt dat het prijzenblad niet manipulatief ingevuld mag worden, op straffe van ongeldigverklaring van de inschrijving en uitsluiting van deelname. Van een manipulatieve inschrijving is sprake als bijvoorbeeld is geoffreerd met onrealistische prijzen (artikel 5.5.9. gunningsleidraad). Als criterium geldt verder dat alle eenheidsprijzen realistisch moeten zijn.
3.8.
Op 27 juni 2025 hebben de netbeheerders de gunningsbeslissing kenbaar gemaakt. De netbeheerders zijn voornemens om de ‘grotere’ overeenkomst (60% van het geheel) te gunnen aan Kaifa (die op de eerste plaats in de rangschikking is geëindigd). Kaifa heeft ingeschreven als non-GPA Candidate. Verder is in de gunningsbeslissing bekend gemaakt dat de netbeheerders voornemens zijn om de ‘kleinere’ overeenkomst (40% van het geheel) aan Sagemcom te gunnen, die als tweede in de rangschikking is geëindigd. Iskraemeco is op de vierde plaats geëindigd en komt in aanmerking voor een wachtkamerovereenkomst.
3.9.
Uit de gunningsbeslissing van 27 juni 2025 volgt dat Kaifa heeft ingeschreven met een prijs van € [prijs Kaifa] per E-meter. Gebleken is dat Sagemcom heeft ingeschreven met een prijs van (circa) € [prijs Sagemcom] per E-meter. Iskraemeco heeft ingeschreven met een prijs van € [prijs Iskraemeco].

4.Het geschil

4.1.
Iskraemeco vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,:
1. de netbeheerders te gebieden de gunningsbeslissing van 27 juni 2025 binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis in te treken, en ingetrokken te houden; en
primair
2. de netbeheerders te gebieden, voor zover zij de onderhavige opdracht nog wensen te gunnen, een nieuwe gunningsbeslissing te nemen waarbij de opdracht (mede) aan Iskraemeco wordt gegund;
subsidiair
3. de netbeheerders te gebieden de onderhavige aanbestedingsprocedure met kenmerk ‘T90866 DSMR6 E-meter’ binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis in te trekken en, voor zover zij de opdracht nog wensen te gunnen, over te gaan tot heraanbesteding;
in alle gevallen
4. de netbeheerders te veroordelen in de kosten van de procedure, een en ander te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van dit vonnis, en – voor het geval voldoening van de kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente over de kosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening.
4.2.
Daartoe voert Iskraemeco – samengevat – het volgende aan.
De gunningsbeslissing is in strijd met de beginselen van gelijke behandeling en transparantie. De netbeheerders hebben Sagemcom ten onrechte aangemerkt als GPA Candidate. Sagemcom is weliswaar gevestigd en geregistreerd in Frankrijk, maar het is algemeen bekend dat Sagemcom zijn fabrieken in Tunesië gebruikt voor (onder meer) het produceren, althans samenstellen van de PCBA (Printed Circuit Board Assembly). Tunesië heeft de GPA niet ondertekend. Omdat de ‘grotere’ opdracht aan een non-GPA Candidate is gegund, heeft dit tot gevolg dat de ‘kleinere’ overeenkomst
nietaan Sagemcom mocht worden gegund. Omdat de partij die als derde in de rangschikking is geëindigd ook een non-GPA Candidate is, dient de kleinere overeenkomst met Iskraemeco, die GPA Candidate is, gesloten te worden.
Kaifa en Sagemcom hebben daarnaast een abnormaal lage inschrijving ingediend. De aangeboden prijzen kunnen niet worden gerechtvaardigd in termen van kosten. Zo moet er bijvoorbeeld rekening gehouden worden met belangrijke factoren zoals vervoer (uit China en/of Tunesië) en risico en financiering (zoals voortvloeien uit de garantieclausule in de Service Level Agreement). Ook geldt dat contractanten de verplichting hebben om de Huidige Contractuele Eenheid Prijs te betalen en extra administratiekosten van € 115,- geïnstalleerde maar defecte meter. De netbeheerders hadden de offertes van Kaifa en Sagemcom tot in detail moeten analyseren om te beoordelen of deze niet abnormaal zijn. Dat is niet gebeurd. De netbeheerders hebben hun motiveringsplicht geschonden. Verder geldt nog afgezien van het abnormaal lage karakter van de inschrijvingen ook dat deze manipulatief zijn.
4.3.
De netbeheerders voeren verweer, dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.
4.4.
Kaifa vordert bij vonnis, zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,:
Iskraemeco niet ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen, althans haar vorderingen af te wijzen;
Iskraemeco of de netbeheerders te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten aan de zijde van Kaifa in het incident en in de hoofdzaak, daaronder begrepen de kosten van rechtsbijstand van Kaifa en de nakosten, met bepaling dat, als deze kosten niet binnen zeven dagen na dagtekening van het vonnis worden voldaan, daarover vanaf de achtste dag na dagtekening van het vonnis, wettelijke rente is verschuldigd.
4.5.
Sagemcom vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,:
Iskraemeco in haar vorderingen niet-ontvankelijk te verklaren, althans haar deze vorderingen te ontzeggen;
de netbeheerders te verbieden de opdracht voor de kleinere overeenkomst aan een ander te gunnen dan aan Sagemcom, voor zover de netbeheerders de opdracht nog wensen te gunnen en Iskraemeco, voor zover nodig, te gebieden toe te laten dat de kleinere overeenkomst aan Sagemcom wordt gegund,
met veroordeling van Iskrameco en de netbeheerders in de kosten van de procedure.
4.6.
Voor zover nodig zullen de standpunten van Iskraemeco en de netbeheerders met betrekking tot de vorderingen van Kaifa en Sagemcom worden besproken.

5.De beoordeling van het geschil

5.1.
De centrale vraag in deze procedure is of de netbeheerders de gunningsbeslissing van 27 juni 2025 moeten intrekken. Iskraemeco heeft aangevoerd dat hier aanleiding voor is omdat de gunningsbeslissing genomen is in strijd met de beginselen van gelijke behandeling en transparantie. Zij heeft daarvoor verschillende gronden aangevoerd. Deze zullen hierna worden beoordeeld. Voor wat betreft de verwijten van Iskraemeco die zien op de wijze waarop de netbeheerders over zijn gegaan tot de klachtafhandeling naar aanleiding van de door Iskraemeco ingediende klachten, geldt dat deze hierna onbesproken zullen blijven. Iskraemeco heeft immers geen rechtsgevolg verbonden aan deze verwijten.
Is Sagemcom terecht aangemerkt als een GPA-Candidate?
5.2.
Tussen partijen is in geschil of Sagemcom terecht is aangemerkt als een GPA-Candidate. De discussie spitst zich toe op de vraag hoe het vereiste dat de Candidate “
has its assembly for this assignment located in a country that has signed the Government Procurement Agreement” (artikel 2.2.5 Selection Guidelines) moet worden uitgelegd. Partijen twisten met name over de vraag wat moet worden verstaan onder ‘assembly”.
5.3.
Bij de beoordeling van de vraag hoe deze eis moet worden uitgelegd, is het volgende van belang. Op grond van het transparantiebeginsel rust op de aanbestedende dienst de verplichting om alle voorwaarden en modaliteiten in het kader van een aanbestedingsprocedure op een zodanig duidelijke, precieze en ondubbelzinnige wijze te formuleren dat alle behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijvers de juiste draagwijdte kunnen begrijpen en deze op dezelfde manier interpreteren (HvJ EU 29 april 2004, Succhi de Frutta, ECLI:EU:C:2004:236). Daarbij moeten de bepalingen van de aanbestedingstukken, binnen de grenzen van het transparantiebeginsel, worden uitgelegd aan de hand van de zogenaamde CAO-norm, waarbij de bewoordingen van de desbetreffende bepalingen, gelezen in het licht van de gehele tekst van de aanbestedingstukken, in beginsel van doorslaggevende betekenis zijn (vgl. het arrest van de Hoge Raad van 20 januari 2004, DSM/Fox, ECLI:NL:HR:2004:AO1427). Hiervan uitgaande overweegt de voorzieningenrechter als volgt.
5.4.
Volgens de Van Dale is de betekenis van het woord “assembleren” : samenstellen uit onderdelen, monteren. Iskraemeco wordt niet gevolgd in haar standpunt dat “assembly” anders, namelijk: ruimer, moet worden uitgelegd. Volgens haar moet “assembly” zo uitgelegd worden dat niet alleen de E-meter, waaronder de PCBA, geassembleerd moet worden in een land dat partij is bij de GPA, maar dat ook alle onderdelen die in de E-meter verwerkt zijn, vervaardigd moeten zijn in een land dat partij is bij de GPA. Iskraemeco heeft in dit verband toegelicht dat in de NvI op de vragen en antwoorden 36 en 17 is geantwoord dat “assembly” in de context van 2.2.5 van de Selection Guidelines betekent “assembly of (parts of) the E-meter” (vraag 36), en dat “assembly” “in the broadest sense” moet worden begrepen (vraag 17). Deze antwoorden onderstrepen naar voorlopig oordeel dat de aanbestedende dienst consequent spreekt van “assembleren”. “Assembleren” is wezenlijk iets anders dan het vervaardigen van alle onderdelen van het eindproduct, tot aan het kleinste schroefje toe. De vergaande eis dat ook die vervaardiging van alle losse onderdelen in een GPA-land moet plaatsvinden valt in de bewoordingen van deze eis, ook gelezen tegen de achtergrond van de aanbestedingsstukken, niet te lezen. Van een behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijvers mocht worden verwacht dat deze het begrip “assembly” aldus zou begrijpen dat voor het zijn van een GPA Candidate van belang is of het assembleren van de E-meter, het proces waarin de verschillende componenten van de E-meter worden samengevoegd, in een GPA-land plaatsvindt. Uit de door de aanbestedende dienst gegeven antwoorden had een normaal oplettende inschrijver niet mogen begrijpen dat elk afzonderlijk onderdeel dat uiteindelijk in de E-meter is verwerkt, vervaardigd moet worden in een GPA-land. De E-meter, en ook specifiek het belangrijkste onderdeel daarvan, de PCBA, moet geassembleerd worden in een GPA-land.
5.5.
Het oordeel onder 5.4. brengt mee dat Iskraemeco ook niet wordt gevolgd in haar stelling dat de aanbestedingsstukken op dit onderdeel, voor wat betreft de betekenis van het woord “assembly”, voor meerderlei uitleg vatbaar zijn en dus niet voldoende duidelijk, precies en ondubbelzinnig. De door Ikraemeco gestelde schending van het transparantiebeginsel op dit punt doet zich naar het oordeel van de voorzieningenrechter dan ook niet voor.
5.6.
Vervolgens moet worden beoordeeld of Sagemcom voldoet aan de eis dat het assembleren van de E-meter in een GPA-land plaatsvindt. Dat Sagemcom aan die eis niet zou kunnen voldoen, heeft Iskraemeco niet aannemelijk gemaakt. Haar stelling dat het algemeen bekend is dat Sagemcom zijn fabrieken in Tunesië gebruikt voor (onder meer) het produceren, althans samenstellen van de PCBA, het moederbord van alle componenten van de E-meter, is daartoe onvoldoende. Iskraemeco heeft in dat verband een viertal handleidingen van E-meters overgelegd waaruit valt af te leiden dat deze zijn gemaakt in Tunesië, maar Sagemcom heeft onderbouwd dat zij ook een fabriek in Frankrijk heeft, te weten in Taden. Sagemcom heeft bevestigd dat zij met het oog op de opdracht in de aanbesteding de nog te ontwikkelen E-meter volledig in Frankrijk zal assembleren. De netbeheerders hebben na het stellen van verificatievragen geen aanleiding gezien de antwoorden van Sagemcom te betwijfelen. De netbeheerders hebben in dat verband aangevoerd dat zij naar aanleiding van de dagvaarding van Iskraemeco bij Sagemcom hebben geverifieerd of de assemblage van de E-meter in Frankrijk zal plaatsvinden. Daarop zou Sagemcom gemotiveerd hebben bevestigd dat de assemblage in haar fabriek in Frankrijk (Taden) zal plaatsvinden en dat de assemblage ook alle componenten bevat die in vraag 17 van de NvI zijn genoemd, inclusief de PCBA. Gelet daarop is de voorzieningenrechter van oordeel dat Iskraemeco niet heeft aangetoond of aannemelijk heeft gemaakt dat Sagemcom niet voornemens zou zijn, of niet in staat zo zijn, om de assemblage van de E-meter in haar fabriek in Frankrijk te laten plaatsvinden. Dat betekent dat in deze procedure niet aannemelijk is geworden dat Sagemcom ten onrechte is aangemerkt als een GPA-Candidate. Dit oordeel brengt mee dat niet is komen vast te staan dat de netbeheerders, door de kleinere opdracht aan Sagemcom te gunnen, in strijd met het gelijkheidsbeginsel en het daaruit voortvloeiende transparantiebeginsel hebben gehandeld. Hierin kan dan ook geen grond voor intrekking van de aanbestedingsprocedure worden gevonden.
Zijn de prijzen van Kaifa en Sagemcom abnormaal laag, irreëel, manipulatief?
5.7.
Vervolgens moet beoordeeld worden of – zoals Iskraemeco heeft betoogd – er grond is voor ingrijpen in deze aanbesteding omdat Kaifa en Sagemcom hebben ingeschreven met abnormaal lage prijzen en of Kaifa en Sagemcom een manipulatieve of irreële inschrijving hebben gedaan en de netbeheerders hun inschrijvingen ten onrechte niet ongeldig hebben verklaard en niet hebben uitgesloten van verdere deelname.
5.8.
De voorzieningenrechter volgt de netbeheerders in hun standpunt dat zij niet verplicht zijn om abnormaal lage inschrijvingen uit te sluiten. Zij hebben er terecht op gewezen dat artikel 3.74 juncto artikel 2.116 van de Aanbestedingswet de aanbestedende dienst een discretionaire bevoegdheid geeft waarmee deze zich kan beschermen tegen abnormaal lage inschrijvingen, maar niet verplicht tot het ecarteren van abnormaal lage inschrijvingen. Gesteld noch gebleken is dat de aanbestedingsstukken een dergelijke verplichting wel inhouden. Verder is gesteld noch gebleken dat het volgens Iskraemeco zou gaan om abnormaal lage inschrijvingen als gevolg van de niet-naleving van verplichtingen op het gebied van milieu-, sociaal- en arbeidsrecht, in welk geval de aanbestedende dienst wel verplicht is om abnormaal lage inschrijvingen uit te sluiten. Daarom behoeft niet te worden beoordeeld of, zoals Iskraemeco stelt, Kaifa en Sagemcom hebben ingeschreven met abnormaal lage prijzen.
5.9.
Dit ligt anders voor de stelling van Iskreameco dat Kaifa en Sagemcom hebben ingeschreven met irreële en manipulatieve prijzen, deze moet wel worden beoordeeld.
In artikel 5.5.9 van de gunningsleidraad is hierover bepaald:
Artikel 4.1.3 van de gunningsleidraad bepaalt dat manipulatieve inschrijvingen ongeldig worden verklaard en worden uitgesloten van verdere deelname.
5.10.
Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van manipulatieve en irreële inschrijvingen wordt vooropgesteld dat van een manipulatieve inschrijving sprake is als een inschrijving door een inschrijver is gedaan met de bedoeling om de opdracht met misbruik van de inschrijvingssystematiek naar zich toe te trekken via een resultaat dat door de aanbesteder kennelijk niet is beoogd. Van een irreële inschrijving is sprake als op voorhand vaststaat of als uit onderzoek blijkt, dat de inschrijver haar inschrijving (op onderdelen) niet waar zal kunnen maken. In beide gevallen wordt een eerlijk verloop van het aanbestedingsproces verstoord of ondermijnd. De elementaire beginselen van aanbestedingsrecht brengen mee dat in een concreet geval de overige inschrijvers tegen een manipulatieve of irreële inschrijving kunnen opkomen als een aanbestedende dienst dat naar hun mening zelf niet of in onvoldoende mate doet.
5.11.
Volgens Iskraemeco zijn de inschrijvingen van Sagemcom en Kaifa irreëel en (zo begrijpt de voorzieningenrechter: daardoor) manipulatief omdat de prijzen waarmee zij hebben ingeschreven niet kunnen worden beschouwd als gebruikelijk op de markt voor overeenkomsten van een vergelijkbare aard en reikwijdte worden beschouwd. Daarbij wijzen zij erop dat:
de prijs per meter ruim € [bedrag]/€ [bedrag] lager is dan die van Ikraemeco;
vervoer vanuit Tunesië en/of China moet plaatsvinden;
er kostenverhogende risico’s en financiering zijn gelet op de lange garantietermijn;
er kostenverhogende verplichtingen zijn om de huidige contractuele eenheidsprijs te betalen plus extra handlingskosten van € 115,- per geïnstalleerde maar defecte E-meter
in de prijzen niet is terug te vinden dat het gaat om een nieuw te ontwikkelen meter.
5.12.
De netbeheerders hebben zich gemotiveerd op het standpunt gesteld dat zij uitgebreid en zorgvuldig hebben beoordeeld of sprake is van manipulatieve inschrijvingen. Dat is volgens de netbeheerders niet het geval. Daarnaast stellen de netbeheerders dat op basis van hetgeen Ikraemeco heeft aangevoerd niet kan worden vastgesteld dat Sagemcom en Kaifa niet aan de opdracht zullen kunnen voldoen. Van irreële inschrijving is volgens de netbeheerders dan ook evenmin sprake.
5.13.
Ook Sagemcom en Kaifa hebben gemotiveerd weersproken dat zij een manipulatieve dan wel irreële inschrijving hebben gedaan.
5.14.
Kaifa heeft erop gewezen dat zij desgevraagd aan de netbeheerders heeft bevestigd dat geen sprake is van irreële of manipulatieve prijzen. Zij heeft erop gewezen dat zij een wereldwijde speler is, waardoor zij de schaalvoordelen uit deze omvangrijke opdracht van de aanbesteding kan benutten om een gunstige kostprijs te realiseren. Zij meent dat de wijze waarop dat gebeurt vertrouwelijk mag blijven, maar dat de verificatie door de netbeheerders voldoende waarborgen bieden. Kaifa heeft ook aangevoerd dat zij eerder in Nederland een nieuw type E-meter heeft ontwikkeld en geleverd (die complexer van aard was), waarvan er meer dan 800.000 zijn geproduceerd en ruim 450.000 bij eindgebruikers zijn geïnstalleerd. Het cumulatieve uitvalpercentage daarvan bedraagt volgens Kaifa minder dan [percentage]%. Die resultaten liggen ten grondslag aan de verwachting dat ook het defectpercentage voor de DSMR6 E-meter onder de [percentage]% zal blijven. Kaifa heeft er verder op gewezen dat de garantietermijn van 25 jaar, waarover Iskraemeco spreekt uitsluitend geldt ingeval van een hoog percentage gebreken gedurende de daaraan voorafgaande periode. Kaifa staat voor haar product en meent dat haar resultaten in het verleden geen aanleiding geven om aan te nemen dat sprake zal zijn van een hoog uitvalpercentage met daaraan gekoppelde garanties en handling fees. Zij stelt realistisch te verwachten kosten te hebben verwerkt in haar inschrijfprijzen.
5.15.
Gelet op deze gemotiveerde betwisting van de onder 5.11 onder a tot en met e genoemde bezwaren van Ikraemeco is naar voorshands oordeel niet aannemelijk gemaakt dat Kaifa een irreële prijs heeft gehanteerd bij haar inschrijving. Weliswaar is haar prijs per E-meter fors lager dan die van Iskraemeco (en Sagemcom), maar in dat verband is relevant dat Kaifa, die wereldwijd actief is, als non-GPA Candidate heeft ingeschreven, zodat het voor de hand ligt dat diverse kosten voor haar aanzienlijk lager zullen liggen dan voor Iskraemeco en overigens ook Sagemcom. Ook acht de voorzieningenrechter het voorshands aannemelijk dat zij schaalvoordelen heeft die haar inkoopprijzen kunnen drukken omdat diverse in te kopen onderdelen ook voor andere door haar geproduceerde E-meters gebruikt worden. Daar staat mogelijk tegenover dat zij meer kosten zal moeten maken voor vervoer, zoals Iskraemeco heeft aangevoerd, maar in dat verband heeft Iskraemeco verder niets concreets naar voren gebracht waaruit afgeleid kan worden dat dit onvoldoende is meegenomen in haar geoffreerde prijs. Kaifa heeft daarbij overigens ook toegelicht dat de schaalvoordelen behorende bij haar wereldwijde positie ook doorwerken in de transportkosten. Kaifa kan verder gevolgd worden in haar uitleg dat de aard en omvang van de opdracht (met een mogelijke verlenging) voor haar dusdanig interessant is gebleken dat zij zeer concurrerend heeft ingeschreven. Zij heeft onbetwist aangevoerd dat een eerder product van haar, dat complexer van aard was, een uitvalpercentage van minder dan [percentage]% heeft gehad, zodat zij geen belemmering ziet als het gaat om verlengde garantieperiodes en de handling fees. De netbeheerders hebben bovendien toegelicht dat Kaifa heeft verklaard dat haar inschrijfprijzen marktconform zijn en ook zijn te rechtvaardigen in termen van kosten en dat ze hun verplichtingen bij uitvoering van de opdracht zullen nakomen tegen de aangeboden inschrijfprijzen. De netbeheerders hebben erop gewezen dat zij een toelichting hebben ontvangen en dat zij op basis daarvan kunnen bevestigen dat de gegeven verklaring dat de inschrijfprijzen marktconform en te rechtvaardigen zijn, juist is. De netbeheerders hebben er bovendien onbetwist op gewezen dat de prijsstelling van de drie partijen bij de onderhavige aanbesteding hetzelfde beeld vertoont als bij de bestaande huidige contracten. In dit licht kan Iskraemeco niet gevolgd worden in haar stelling dat de prijs van Kaifa irreëel is, zodat de netbeheerders gehouden waren tot het in detail analyseren van de offertes. Dat de door Kaifa gehanteerde prijs manipulatief is vanwege de irreële prijs en dat sprake is van een inschrijving met de bedoeling om de opdracht met misbruik van de inschrijvingssystematiek naar zich toe te trekken via een resultaat dat door de netbeheerders kennelijk niet is beoogd, is evenmin aannemelijk geworden.
5.16.
Dat de door Sagemcom geoffreerde prijs irreëel of manipulatief is, is evenmin aannemelijk geworden. Daarvoor is het volgende van belang. Sagemcom heeft erop gewezen dat haar schaal dusdanig is dat zij in staat was met een concurrerende prijs in te schrijven. Ook heeft zij aangevoerd dat zij de risico’s van financiering en de garantie onder de raamovereenkomst heeft meegenomen in haar inschrijving, en dat nergens uit volgt dat deze prijs onrealistisch zou zijn. Iskraemeco heeft daar naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende tegenin gebracht. Daar komt bij dat Sagemcom diverse opgeworpen algemene bezwaren van Iskraemeco gemotiveerd heeft betwist. Iskraemeco heeft op basis van een vergelijking tussen de door Sagemcom gehanteerde prijzen in de SMR5 Liander 2021-aanbesteding en haar prijzen in de huidige aanbesteding geconcludeerd dat de prijzen van Sagemcom in de huidige aanbesteding niet reëel zouden zijn. Sagemcom heeft daartegenover gemotiveerd toegelicht dat deze prijzen niet met elkaar kunnen worden vergeleken en dat aan die Liander-aanbesteding geen gevolgtrekkingen kunnen worden verbonden met betrekking tot de vraag of de prijs van Sagemcom in deze procedure reëel is. In dat verband heeft Sagemcom benadrukt dat dit op een geheel ander product ziet. Niet alleen ontbreekt een kostenverhogende communicatiemodule van € 8,00 tot € 13,00, maar ook is er een verschil in het aantal benodigde PCBA’s per product (5 bij de SMR5 tegenover 1 bij DSMR6), wat samenhangt met het verschil in complexiteit. Daarbij heeft Sagemcom erop gewezen dat het volume van de opdracht aanzienlijk verschilt (440.000,- tegenover 3.200.000 (40% van 8.000.000)). Tegen deze achtergrond is niet aannemelijk gemaakt dat de prijs die Sagemcom in een eerdere aanbesteding heeft gehanteerd, onderbouwt dat haar inschrijving in deze aanbesteding irreëel zou zijn. Verder geldt dat ook Sagemcom erop heeft gewezen dat zij in de aanloop naar dit kort geding vragen van de netbeheerders over haar gehanteerde inschrijfprijs heeft beantwoord, en dat haar antwoord voor de netbeheerders naar tevredenheid was. De netbeheerders hebben bevestigd dat Sagemcom een nadere toelichting heeft aangeleverd waaruit blijkt dat haar verklaring dat haar inschrijfprijzen marktconform en te rechtvaardigen zijn in termen van kosten. De netbeheerders hebben tevens bevestigd dat Sagemcom heeft verklaard dat zij haar verplichtingen bij uitvoering van de opdracht zal nakomen tegen de aangeboden inschrijfprijs zal nakomen. De netbeheerders hebben de belangrijkste punten uit de verklaring van Sagemcom ook toegelicht. Hieruit volgt dat Sagemcom haar kosten op logistiek conservatief heeft ingeschat, dat de initiële garantietermijn niet veel afwijkt van andere contracten en dat een risico-inschatting is gemaakt. Ook de handling fee zou op conservatieve wijze zijn afgedekt. De netbeheerders hebben er bovendien onbetwist op gewezen dat de prijsstelling van de drie partijen bij de onderhavige aanbesteding hetzelfde beeld vertoont als bij de bestaande huidige contracten. Tegen deze achtergrond heeft Iskraemeco onvoldoende aangevoerd om aannemelijk te maken dat de prijs van Sagemcom irreëel is. Dat de door Sagemcom gehanteerde prijs manipulatief is vanwege de irreële prijs en dat sprake is van een inschrijving met de bedoeling om de opdracht met misbruik van de inschrijvingssystematiek naar zich toe te trekken via een resultaat dat door de netbeheerders kennelijk niet is beoogd, is evenmin aannemelijk geworden.
5.17.
Uit het voorgaande volgt dat de vordering van Iskraemeco tot intrekking van de gunningsbeslissing van 27 juni 2025 niet toewijsbaar is. Ook de vorderingen tot het nemen van een nieuwe gunningsbeslissing (primair) of het overgaan tot heraanbesteding (subsidiair) komen daarom niet voor toewijzing in aanmerking, zodat deze zullen worden afgewezen.
5.18.
Nu de vorderingen van Iskraemeco worden afgewezen zal ook het door Sagemcom gevorderde bij gebrek aan belang worden afgewezen. Sagemcom zal worden veroordeeld in de kosten van de netbeheerders, welke kosten worden begroot op nihil, nu niet is gebleken dat de netbeheerders als gevolg van deze vordering extra kosten heeft moeten maken. Ondanks de afwijzing moet Iskraemeco in haar verhouding tot Sagemcom worden aangemerkt als de in het ongelijk gestelde partij. Het doel van Sagemcom was immers de gunningsbeslissing in stand te laten en te voorkomen dat de opdracht aan Iskraemeco zou worden gegund, welk doel is bereikt. Dat geldt ook in de verhouding Kaifa en Iskraemeco, zodat Iskraemeco in de proceskosten van Kaifa zal worden veroordeeld. Verder zal Iskraemeco, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van de netbeheerders.
De proceskosten van zowel de netbeheerders, Kaifa als Sagemcom worden begroot op:
  • griffierecht € 714,00
  • salaris advocaat € 1.107,00
  • nakosten € 178,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de
beslissing)
Totaal € 1.999,00
5.19.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

6.De beslissing

De voorzieningenrechter:
6.1.
wijst het gevorderde af;
6.2.
veroordeelt Iskraemeco in de proceskosten van zowel de netbeheerders, Kaifa als Sagemcom van ieder € 1.999,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als Iskraemeco niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet Iskraemeco € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening;
6.3.
veroordeelt Iskraemeco in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Pro Wetboek over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan;
6.4.
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
6.5.
veroordeelt Sagemcom in de kosten van de netbeheerders, begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.F. Hesselink en in het openbaar uitgesproken op 15 oktober 2025.
ddg