AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag en opleggen van dwangsom
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag, gedaan op 25 november 2025, gaat het om een beroep dat eiser heeft ingediend tegen de minister van Asiel en Migratie. Eiser had op 10 september 2023 een asielaanvraag ingediend, maar de minister heeft niet tijdig beslist. De rechtbank heeft vastgesteld dat de beslistermijn is verstreken en dat eiser de minister heeft verzocht om alsnog binnen twee weken te beslissen, wat niet is gebeurd. Hierdoor heeft eiser beroep ingesteld. De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond is. De minister wordt opgedragen om binnen acht weken na de uitspraak een besluit te nemen op de aanvraag. Indien de minister deze termijn overschrijdt, moet hij een dwangsom van € 100,- per dag betalen, met een maximum van € 15.000,-. Daarnaast moet de minister de proceskosten van eiser vergoeden, vastgesteld op € 453,50. De uitspraak is openbaar gemaakt en kan worden ingezien op rechtspraak.nl.
Voetnoten
1.Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Artikel 18, eerste lid onder d, Dublinverordening.
3.Artikel 29 tweede lid, Dublinverordening,
4.Artikel 42 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
5.Artikel 6:12, tweede lid aanhef en onder a, van de Awb.
6.Artikel 6:12, tweede lid aanhef en onder b, van de Awb.
7.Artikel 8:72, vierde lid, aanhef en onder b, van de Awb.
9.Artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn.
11.Artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb.
12.Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand, waarbij 1 punt is gerekend voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor van 0,5.