ECLI:NL:RBDHA:2025:20987
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens niet voldoen aan inburgeringsvereiste
Eiseres, een Turkse staatsburger, heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om als familie- of gezinslid bij haar partner in Nederland te verblijven. De minister heeft deze aanvraag afgewezen omdat eiseres niet aan het inburgeringsvereiste voldoet en er geen bijzondere omstandigheden zijn die vrijstelling rechtvaardigen.
De rechtbank beoordeelt of de herinvoering van het inburgeringsvereiste in strijd is met de standstill-bepaling uit het Besluit nr. 1/80 en de non-discriminatiebepaling van de Associatieovereenkomst. De rechtbank oordeelt dat de maatregel gerechtvaardigd is door een dwingende reden van algemeen belang, namelijk integratie, en dat deze geschikt, noodzakelijk en evenredig is.
Eiseres heeft onvoldoende onderbouwd dat zij niet in staat is het inburgeringsexamen te behalen, ondanks haar analfabetisme en leeftijd. De minister heeft een zorgvuldige belangenafweging gemaakt waarbij ook het belang van eiseres en haar partner is meegewogen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de mvv-aanvraag.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de mvv-aanvraag wegens niet voldoen aan het inburgeringsvereiste.