ECLI:NL:RBDHA:2025:16757
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord wegens zwaarwegend belang schuldeisers
De verzoeker verkeert in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van bijna €99.000 verdeeld over negen schuldeisers. Hij heeft een voorstel gedaan voor een schuldregeling waarbij een deel van de vorderingen wordt voldaan en het restant wordt kwijtgescholden, maar niet alle schuldeisers gingen hiermee akkoord. Met name Q-Park en RVO, die samen meer dan 70% van de schulden vertegenwoordigen, weigerden in te stemmen.
De rechtbank heeft het verzoek van de verzoeker om een dwangakkoord op te leggen behandeld. De schuldbemiddeling is uitgevoerd door een bevoegde instantie en het voorstel is goed gedocumenteerd. De rechtbank moet echter een belangenafweging maken tussen de verzoeker, de weigeraars en de instemmende schuldeisers.
De rechtbank oordeelt dat het niet onredelijk is dat Q-Park en RVO weigeren in te stemmen, mede omdat RVO een vordering heeft als benadeelde partij uit een strafrechtelijke veroordeling van de verzoeker. Dit belang weegt zwaarder dan het belang van de verzoeker bij een schuldenvrije toekomst. Het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt daarom afgewezen.
Het verzoek om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling blijft gehandhaafd en zal in een apart vonnis worden beoordeeld.
Uitkomst: Verzoek tot oplegging dwangakkoord wordt afgewezen vanwege zwaarwegend belang van schuldeisers.