Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Als het bijvoorbeeld tijd is om te bidden zullen anderen zeggen dat ik niet bid. Ze zullen vragen waarom. Ik ga dan zeggen dat ik geen moslim meer ben.” [5] En ze zegt ook: “
Ten eerste kan ik niet terug naar Iran. Ten tweede zal ik het wel kenbaar maken. Ze zullen zien dat ik de islam niet praktiseer.” [6] Verweerder heeft niet uitdrukkelijk gevraagd of eiseres bij ondervragingen door de autoriteiten zou verklaren dat zij moslim is. Maar de hiervoor geciteerde antwoorden geven geen reden om zonder meer aan te nemen dat eiseres bij een directe vraag naar haar geloof terughoudendheid zal betrachten. Verweerders standpunt dat het niet aannemelijk is dat eiseres in het geval van een eventuele ondervraging door de autoriteiten op de luchthaven zal verklaren dat ze afvallig is, volgt de rechtbank dan ook niet. Het besluit bevat hierom een zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek. De beroepsgrond slaagt.