Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , V-nummer: [nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
- Identiteit, nationaliteit en herkomst.
- Afvalligheid van de islam.
- Verklaringen over het incident bij het Marokkaanse consulaat in Frankrijk.
- Seksuele gerichtheid.
Beroepsgronden
“ik ben overtuigd geraakt, waar is ie? Ik beweeg zelf bijvoorbeeld deze beker.”Verder:
”Ik was een beetje ziek, ook in mijn hoofd, mentaal. Dat weten jullie wel.” [4] Eiser is van mening dat er voor de minister concrete aanknopingspunten waren voor het doen van een medisch onderzoek. Daarom heeft eiser ook verzocht in zijn brief van 10 december 2024, correcties en aanvullingen gehoor opvolgende aanvraag. Eiser stelt dat hij onvoldoende inzicht heeft kunnen geven in zijn persoonlijke beleving en gedachtegang rondom zijn seksualiteit. Dit klemt temeer nu blijkt dat de minister stelt dat eiser niet valt onder de uitzonderingscategorie voor LHBTI-personen, omdat hij de door hem gestelde seksuele gerichtheid niet geloofwaardig heeft kunnen maken. Omdat er geen medisch onderzoek heeft plaatsgevonden waaruit zou kunnen blijken dat eiser niet in staat was om coherent te verklaren, is het besluit onzorgvuldig tot stand gekomen en daardoor niet deugdelijk gemotiveerd.