ECLI:NL:RBDHA:2025:14179
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel van bewaring bij defecte vingerafdrukapparatuur in Gambia
De zaak betreft het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser door de minister van Asiel en Migratie. Eiser betoogt dat vanwege defecte vingerafdrukapparatuur in Gambia de minister een lichter middel, zoals een meldplicht, had moeten toepassen in plaats van bewaring. De rechtbank toetst of het voortduren van de maatregel sinds het sluiten van het laatste onderzoek op 29 april 2025 rechtmatig is.
De rechtbank stelt vast dat de defecte apparatuur niet betekent dat de Gambiaanse autoriteiten geen laissez-passers meer afgeven of zich niet inspannen voor herstel. Ook is niet gebleken dat eiser niet kan bijdragen aan zijn identificatie, aangezien hij weigert mee te werken. De eerdere uitspraken van de rechtbank bevestigen dat het zicht op uitzetting niet ontbreekt.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat de maatregel van bewaring mag voortduren. Er is geen aanleiding om ambtshalve tot een ander oordeel te komen. De minister hoeft de proceskosten van eiser niet te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en de maatregel blijft in stand.