Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres diende op 4 september 2022 een asielaanvraag in. Verweerder verklaarde deze op 27 juni 2024 niet-ontvankelijk. Eiseres stelde hiertegen beroep in, dat op 11 september 2024 gegrond werd verklaard en het besluit werd vernietigd. De rechtbank gaf geen termijn voor een nieuw besluit, waardoor de wettelijke termijn van zes maanden van toepassing werd.
De wettelijke beslistermijn eindigde op 12 maart 2025, maar verweerder nam geen tijdig besluit. Eiseres stelde verweerder op 13 maart 2025 rechtsgeldig in gebreke en diende op 31 maart 2025 beroep in. De rechtbank oordeelde dat het beroep kennelijk gegrond was vanwege de overschrijding van de maximale termijn van 21 maanden zoals genoemd in de Procedurerichtlijn.
De rechtbank legde verweerder op om binnen twee weken na de uitspraak een besluit te nemen en stelde een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 vast. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres, vastgesteld op €453,50. De uitspraak werd gedaan door rechter J.F.I. Sinack op 28 juli 2025.
Uitkomst: De rechtbank beveelt verweerder binnen twee weken een besluit te nemen en legt een dwangsom op bij overschrijding.