Eiser, een Syrische jongvolwassene, verzocht om verlenging van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor het verblijfsdoel 'familie en gezin'. Zijn moeder, die in Nederland een asielvergunning heeft, had de aanvraag ondersteund. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser niet voldeed aan de criteria van het jongvolwassenenbeleid en er geen sprake was van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie tussen eiser en zijn moeder.
Eiser betoogde dat hij nog afhankelijk was van zijn moeder, die hem financieel en emotioneel ondersteunt, en dat zij samen een bijzondere band hebben vanwege medische problemen en gedeelde ervaringen. Verweerder stelde dat eiser sinds tien maanden zelfstandig woont, de financiële steun minimaal is en de emotionele band niet zodanig is dat deze een beschermenswaardig gezinsleven vormt.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet voldoet aan de voorwaarden van het jongvolwassenenbeleid, dat de financiële en emotionele afhankelijkheid onvoldoende is aangetoond en dat de omstandigheden niet leiden tot een beschermenswaardig gezinsleven. Gezien de jurisprudentie is bij het ontbreken van een beschermenswaardig gezinsleven geen verdere belangenafweging vereist.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en handhaafde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.