Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 juli 2025 in de zaak tussen
V.O.F. BR Cars, gevestigd te Rotterdam, eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil6. In geschil is of de naheffingsaanslag terecht en tot een juist bedrag is opgelegd. Meer specifiek is in geschil:
- of het taxatierapport van eiseres terecht van bewijs is uitgesloten;
- of sprake is van essentiële gebreken;
- of indien het taxatierapport niet bruikbaar is, gebruik kan worden gemaakt van de koerslijst;
- of de verschuldigde Bpm bepaald kan worden aan de hand van de herrekende bruto Bpm van eerder ingevoerde gelijksoortige auto’s (de herleidingsmethode);
- of verweerder het juiste afschrijvingsmoment heeft gehanteerd;
- of eiseres in aanmerking komt voor een vergoeding van immateriële schade.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de naheffingsaanslag tot € 4.005;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.814;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 365 aan eiseres te vergoeden.