Eiser was betrokken bij een verkeersongeval op 28 juni 2024, waarna de politie vermoedde dat hij niet meer rijgeschikt was en zijn rijbewijs werd ingenomen. Verweerder schorste het rijbewijs en stelde een onderzoek naar rijvaardigheid verplicht. Eiser diende een bezwaarschrift in tegen de schorsing, dat niet-ontvankelijk werd verklaard wegens termijnoverschrijding. Eiser ging in beroep tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.
De rechtbank stelde vast dat het rijbewijs van eiser op 20 februari 2025 ongeldig was verklaard omdat hij tweemaal niet was verschenen voor het rijvaardigheidsonderzoek. Eiser had tegen dit besluit geen bezwaar gemaakt, waardoor dit besluit in rechte vaststaat. Tijdens de zitting werd eiser uitgelegd dat hij geen procesbelang meer had omdat hij met het beroep niet kon bereiken dat zijn rijbewijs weer geldig werd.
De rechtbank oordeelde dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat eiser geen reëel en actueel belang heeft bij de uitkomst van de procedure. De enige weg om weer een rijbewijs te verkrijgen is het afleggen van een nieuw theorie- en praktijkexamen. Het beroep wordt daarom niet inhoudelijk behandeld en het griffierecht wordt niet teruggegeven.