ECLI:NL:RBDHA:2025:13148
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij jeugdhulp PGB-aanvraag
Eiseres heeft namens haar minderjarige dochter een persoonsgebonden budget (pgb) aangevraagd voor jeugdhulp, welke aanvankelijk werd afgewezen door het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk. Na bezwaar handhaafde het college de afwijzing, waarna eiseres beroep instelde bij de rechtbank.
Later heeft het college alsnog een pgb toegekend voor een periode die inmiddels is verstreken. De rechtbank heeft eiseres gevraagd of zij haar beroep wilde intrekken, maar zij heeft dit niet gedaan. De rechtbank heeft vervolgens ambtshalve onderzocht of er nog sprake was van procesbelang.
Gezien het feit dat de toegekende jeugdhulp betrekking had op een inmiddels verstreken periode en de dochter van eiseres inmiddels meerderjarig is geworden, oordeelde de rechtbank dat er geen belang meer was bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. Ook stelde eiseres geen schade of toekomstig belang vast.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees zij een proceskostenvergoeding af. De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 10 juli 2025 door rechter C.J. Waterbolk.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.