Uitspraak
1.De procedure
2.De beoordeling
Het verzoek tot het geven van een voorlopige voorziening
(€ 942,59 per maand) weer kan worden betaald omdat de heer [naam] nieuwe inkomstenbronnen heeft aangeboord, maar dit is onvoldoende met stukken onderbouwd. Het overleggen van enkele facturen is hiervoor onvoldoende; die facturen zijn nog niet betaald en geven geen inzicht in een toekomstig verloop van opdrachten. De rechtbank kan er dus niet van uitgaan dat de (financiële) situatie van de heer [naam] zodanig stabiel en bestendig is dat hij in het vervolg de huur wel (op tijd) kan betalen én zal kunnen blijven betalen.
3.De beslissing
wettelijke schuldsaneringsregeling.