Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De inhoud van de vordering
3.De beoordeling van de vordering
- medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro A en onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;
- deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld in de artikelen 10, derde, vierde en vijfde lid en 10a eerste lid van de Opiumwet.
.
4.De vaststelling van de betalingsverplichting
5.Het toepasselijke wetsartikel
6.De beslissing
€ 1.796.938,21;
€ 1.707.091,30aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;
1080 dagen.