Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een nieuw besluit op zijn asielaanvraag, nadat de rechtbank in een eerdere uitspraak van 20 juni 2024 de minister had opgedragen binnen zes weken te beslissen.
De rechtbank stelt vast dat de minister deze termijn niet heeft nageleefd en verklaart het beroep gegrond. De minister krijgt een nieuwe termijn van zestien weken, verdeeld in twee periodes van acht weken: eerst voor het afnemen van een gehoor en daarna voor het nemen van het besluit.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van € 100,- per dag bij overschrijding, met een maximum van € 15.000,-. Ook worden de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 453,50, aan de minister opgelegd.
De rechtbank volgt het verzoek van de minister om de langere termijn toe te passen, mede vanwege de mogelijkheid om eiser opnieuw te horen. De uitspraak is zonder zitting gedaan en bevestigt het belang van tijdige besluitvorming in asielzaken.