ECLI:NL:RBDHA:2025:1227
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering compensatie afgeloste private schuld wegens ontbreken notariële akte
Eiseres, aangemerkt als gedupeerde ouder in de toeslagenaffaire, verzocht compensatie voor een afgeloste private schuld bij haar voormalige werkgever. Deze schuld was niet vastgelegd in een notariële akte, maar in een akte van geldlening en aanvullende documenten. Verweerder weigerde compensatie omdat de schuld niet voldeed aan de wettelijke vereisten uit de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht).
De rechtbank bevestigde dat de Wht vereist dat private schulden die voor compensatie in aanmerking komen, moeten zijn vastgelegd in een notariële akte of rechterlijke uitspraak, opgesteld vóór 1 juni 2021. De door eiseres overgelegde stukken boden onvoldoende zekerheid over de schuld en de opeisbaarheid ervan. De rechtbank oordeelde dat zij dit wettelijke vereiste niet aan algemene rechtsbeginselen mag toetsen vanwege het toetsingsverbod in artikel 120 Grondwet Pro.
Eiseres voerde een beroep op het zorgvuldigheidsbeginsel, motiveringsbeginsel en de hardheidsclausule, maar de rechtbank vond geen bijzondere omstandigheden die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen. De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit rechtmatig is en verklaarde het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de compensatie voor de afgeloste private schuld wordt geweigerd.