Eiseres had een asielaanvraag ingediend waarop de minister op 5 juli 2022 een besluit nam dat later door de rechtbank Zwolle op 6 september 2022 werd vernietigd. De minister werd toen opgedragen opnieuw te beslissen, maar heeft dit niet binnen redelijke termijn gedaan. Eiseres stelde de minister op 28 januari 2025 in gebreke en sindsdien zijn meer dan twee weken verstreken zonder nieuw besluit.
De minister is in hoger beroep gegaan tegen de vernietiging, maar dit beroep heeft geen schorsende werking. De rechtbank constateert dat de wettelijke beslistermijn van 21 maanden is overschreden en dat de minister ondanks toezeggingen geen nieuw besluit heeft genomen. Eiseres verzocht om een nadere beslistermijn van vier weken, waarop de rechtbank de minister verplicht binnen die termijn alsnog een besluit te nemen.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op, met een maximum van €15.000, voor het geval de minister niet binnen de gestelde termijn beslist. Tevens wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiseres van €453,50. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en is op 19 juni 2025 in het openbaar bekendgemaakt.