ECLI:NL:RBDHA:2025:11900
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep schadevergoeding onrechtmatige grensdetentie asielzoekster
Eiseres heeft een asielaanvraag ingediend en is direct in grensdetentie geplaatst. De aanvraag werd op 17 april 2025 afgewezen als kennelijk ongegrond. Na beroep trok verweerder het besluit op 28 mei 2025 in vanwege een motiveringsgebrek. Eiseres handhaafde het beroep en vorderde schadevergoeding voor de periode van onrechtmatige grensdetentie.
Verweerder stelde dat alleen de bewaringsrechter bevoegd is voor schadevergoeding bij onrechtmatige detentie en dat eiseres tot 8 mei 2025 rechtmatig in detentie verbleef. De rechtbank oordeelde dat de asielrechter wel bevoegd is om over schadevergoeding te oordelen, maar dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de schade daadwerkelijk is geleden.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Tevens veroordeelde zij verweerder in de proceskosten van €1.814,- wegens het intrekken van het bestreden besluit. Eiseres kan tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang bij het verzoek om schadevergoeding.