ECLI:NL:RBDHA:2025:1129
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling met toepassing hardheidsclausule
Mevrouw [verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege een problematische schuldensituatie. De rechtbank heeft dit verzoek behandeld op 20 januari 2025, waarbij ook een schuldhulpverlener en beschermingsbewindvoerder aanwezig waren.
De rechtbank beoordeelde of mevrouw [verzoekster] te goeder trouw was bij het ontstaan van haar schulden en of zij aan de verplichtingen van de WSNP kan voldoen. Er was een recente schuld aan het CJIB waarvan twijfel bestond over de goede trouw. Namens haar werd een beroep gedaan op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Faillissementswet Pro, dat door de rechtbank werd gehonoreerd.
De rechtbank stelde vast dat de omstandigheden die hebben geleid tot de schulden inmiddels onder controle zijn en dat haar financiële situatie stabiel is. De regeling wordt vastgesteld op achttien maanden met een postblokkade van dertien maanden. Na succesvolle afronding volgt de 'schone lei', waardoor schuldeisers niet meer kunnen verhalen op de schulden. De rechtbank benoemde een rechter-commissaris en bewindvoerder en bepaalde dat alle gelegde beslagen komen te vervallen.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de WSNP wordt toegewezen met toepassing van de hardheidsclausule voor een periode van achttien maanden.