ECLI:NL:RBDHA:2025:10649
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stellen asielaanvragen wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het voornemen van de minister om hun asielaanvragen buiten behandeling te stellen omdat zij zich niet bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) hebben gemeld. De minister stelde dat verzoekers zich binnen vier weken kunnen melden, waarna het voornemen wordt ingetrokken.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen sprake is van een spoedeisend belang dat een voorlopige voorziening rechtvaardigt. Er staat een rechtsmiddel open tegen het buiten behandeling stellen, en de situatie is niet onomkeerbaar. Bovendien heeft de minister het voornemen ingetrokken vanwege prejudiciële vragen over de toepasselijke richtlijnen.
Verzoekers vroegen ook om een versnelde beslissing op hun asielaanvragen, maar ook daarvoor is de voorlopige voorzieningenprocedure niet geschikt. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling stellen van de asielaanvragen wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.