ECLI:NL:RBDHA:2024:9065
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij vervoerskosten Jeugdwet
Eiseres, wettelijke vertegenwoordigster van een minderjarige, verzocht om vergoeding van vervoerskosten voor vervoer naar paardencoaching. Dit verzoek werd door verweerder afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank constateerde dat na het bestreden besluit per 19 januari 2023 een vervoersvoorziening op basis van een pgb was toegekend waarbij een derde, niet de moeder van eiseres, het vervoer verzorgt. Tegen deze latere besluiten was geen bezwaar gemaakt, waardoor deze onherroepelijk zijn geworden.
De rechtbank beoordeelde of eiseres nog procesbelang had bij haar beroep. Gezien de gewijzigde situatie en het ontbreken van een toekomstig belang, concludeerde de rechtbank dat procesbelang ontbrak. Ook werd onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eiseres schade had geleden door het bestreden besluit.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees zij terugbetaling van griffierecht en vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.