ECLI:NL:RBDHA:2024:8375
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens inwilliging asielaanvraag en ontbreken procesbelang
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 7 oktober 2022. Op 2 mei 2024 heeft de staatssecretaris alsnog een verblijfsvergunning verleend met terugwerkende kracht tot de datum van aanvraag. Hierdoor is het primaire doel van het beroep bereikt, waardoor het procesbelang voor het beroep tegen het niet tijdig beslissen ontbreekt.
Eiser handhaaft het beroep omdat de staatssecretaris geen dwangsom heeft toegekend en niets heeft gezegd over proceskosten. De rechtbank stelt vast dat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND toepassing vindt, waardoor geen dwangsommen kunnen worden verbeurd bij asielaanvragen. Dit sluit het beroep op dwangsommen uit en ontneemt ook hiervoor het procesbelang.
Verder oordeelt de rechtbank dat het enkel vragen om een proceskostenveroordeling geen procesbelang oplevert als het overige belang ontbreekt. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Wel wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 437,50, vanwege de beroepsmatige rechtsbijstand verleend door een derde partij.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang, met een proceskostenvergoeding van € 437,50 aan eiser.