Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Heeft verweerder de asielaanvraag voldoende zorgvuldig onderzocht?
Conclusie en gevolgen
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrische nationaliteit dragende vreemdeling, diende meerdere asielaanvragen in Nederland in nadat hij eerder in Bulgarije was geregistreerd. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Bulgarije verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening. Eiser voerde aan dat zijn persoonlijke omstandigheden onvoldoende waren onderzocht en dat hij risico liep op onmenselijke behandeling in Bulgarije.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aan zijn onderzoeksplicht had voldaan, mede omdat eiser was gehoord en zijn omstandigheden waren betrokken in het besluit. Het verzoek om een aanvullend gehoor werd afgewezen omdat eiser geen nieuwe omstandigheden had aangevoerd. De rechtbank stelde dat eiser er niet in slaagde aannemelijk te maken dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije niet van toepassing was.
Verder concludeerde de rechtbank dat verweerder terecht geen aanleiding zag om de asielaanvraag op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening aan zich te trekken. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen.