Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
[minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2013 V-nummer: [V-nummer 2]
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Het interstatelijk vertrouwensbeginsel
(Bijzondere) kwetsbaarheid
Tarakhel.5 Hoewel het arrest
Tarakhelziet op de situatie in Italië meent eiser dat dit ook op hem en zijn zoon van toepassing is in Kroatië. Eiser en zijn zoon zijn ook bijzonder kwetsbaar omdat zij een gezin vormen en daarom mag, zonder individuele garantie van Kroatië dat passende opvang zal worden verleend, geen overdracht plaatsvinden.
Tarakhel ontstaat, er niet alleen maar sprake moet zijn van artikel 21 van Pro de Opvangrichtlijn – iemand die kwetsbaar is – maar ook van een onderbouwd verhaal over hoe de situatie is voor die specifieke categorie. In het arrest
Tarakhelging het om een specifieke situatie voor minderjarigen in Italië. Zoals ter zitting is toegelicht is de staatssecretaris uit rapporten bekend dat er meer dan 4000 kinderen in de opvang zitten in Kroatië. Wanneer er sprake zou zijn van een
Tarakhel-situatie in Kroatië zou daarover iets bekend moeten zijn, maar dat is niet het geval.
Tarakhelt. Zwitserland, ECLI:CE:ECHR:2014:1104JUD002921712.
Tarakhelbetrekking heeft op een gezin met minderjarige kinderen. Uit de uitspraak van de Afdeling van 3 december 20156 volgt dat het arrest
Tarakhelook van toepassing kan zijn op andere bijzonder kwetsbare personen, als aannemelijk is gemaakt dat er sprake is van bijzondere omstandigheden. Het geslacht, de leeftijd en de gezondheidstoestand van de betrokken persoon kunnen hierbij van belang zijn. Ook volgt uit deze uitspraak dat aannemelijk met worden gemaakt dat zich vergelijkbare omstandigheden voordoen als die waarmee de vreemdelingen in het arrest zich geconfronteerd zagen. De bewijslast dat sprake is van zo'n bijzondere kwetsbaarheid ligt bij de vreemdeling.7
Tarakhel. Niet ten onrechte stelt de staatssecretaris zich op het standpunt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij en zijn zoon geen adequate opvang zullen krijgen in Kroatië en dat zij aanvullende voorzieningen nodig hebben. De staatssecretaris mocht hierbij betrekken dat eiser niet met documenten aannemelijk gemaakt heeft dat hij en zijn zoon behoren tot een potentieel bijzonder kwetsbare groep. Evenmin heeft eiser dit aannemelijk gemaakt aan de hand van eigen individuele omstandigheden van hemzelf of zijn minderjarige zoon. De staatssecretaris zich daarom niet ten onrechte op het standpunt dat er geen individuele garanties van Kroatië vereist zijn. De beroepsgrond slaagt niet.