Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 30 april 2024 in de zaken tussen
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- is gerelateerd aan het kapitaal in de vennootschap (eigen vermogen) en niet aan vreemd vermogen;
- wordt beschouwd als eigen vermogen voor Braziliaanse juridische, accounting- en belastingdoeleinden;
- voor wat betreft de (toegestane) omvang is gerelateerd aan de (omvang van de) winstreserves;
- wordt uitgekeerd enkel op basis van een aandeelhoudersbesluit;
- enkel aan aandeelhouders kan worden uitgekeerd en ook slechts in verhouding tot het belang van de aandeelhouders; en
- één van de manieren is om aan de winstuitkeringsverplichting (als die er is) te voldoen.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- verhoogt de aftrek elders belast op de aanslag vennootschapsbelasting 2018 naar € 4.959.397 en vermindert de bij deze aanslag berekende belastingrente dienovereenkomstig;
- verhoogt de aftrek elders belast op de aanslag vennootschapsbelasting 2019 naar € 5.610.915 en vermindert de bij deze aanslag berekende belastingrente dienovereenkomstig;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraken op bezwaar;
- veroordeelt verweerder tot vergoeding van de immateriële schade tot een bedrag van € 1.147;
- veroordeelt de Staat tot vergoeding van immateriële schade tot een bedrag van € 353;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 2.370; en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 730 (2 x € 365) aan eiseres te vergoeden.