AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Tussenuitspraak over meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie bij MVV-aanvraag familieleden
Eiseres, van Syrische nationaliteit, verzoekt om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor verblijf als familie- of gezinslid bij haar meerderjarige kinderen en kleinkinderen in Nederland. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van een bijzondere afhankelijkheidsrelatie en beschermenswaardig familieleven.
De rechtbank constateert dat verweerder een onjuist toetsingskader hanteerde door de zelfstandigheid van eiseres zonder familieleden te toetsen en niet alle relevante elementen in samenhang te beoordelen. De rechtbank stelt vast dat er sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheid tussen eiseres en haar meerderjarige kinderen en kleinkinderen, mede door langdurige samenwoning, financiële afhankelijkheid, medische omstandigheden en emotionele banden.
Ook is vastgesteld dat er hechte persoonlijke banden bestaan tussen eiseres en één van haar minderjarige kleinkinderen. De belangenafweging van verweerder is onvoldoende gemotiveerd en houdt onvoldoende rekening met de persoonlijke omstandigheden van eiseres en haar familie.
De rechtbank herstelt het gebrek inzake de meer dan gebruikelijke afhankelijkheid en beschermenswaardig familieleven, maar laat de belangenafweging aan verweerder om binnen vier weken te herstellen. Eiseres krijgt vervolgens gelegenheid om te reageren. De procedure wordt aangehouden tot de einduitspraak.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat sprake is van meer dan gebruikelijke afhankelijkheid en beschermenswaardig familieleven en draagt verweerder op de belangenafweging opnieuw te maken binnen vier weken.
Voetnoten
1.Machtiging tot voorlopig verblijf.
2.Zaaknummer AWB 19/2086.
3.Zaaknummer AWB 19/8250.
4.Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
5.Zaaknummer: 202005460/1/V1.
6.[naam 2] is op [datum] 2023 meerderjarig geworden.
7.Zaaknummer: 2016/06477/1/V1.
8.Richtlijn 2003/86/EG.
9.Posttraumatische stressstoornis.
10.Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
11.Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
12.Zie bijvoorbeeld het arrest van 12 juni 2010, Khan tegen het VK, app.no. 47486/06.
13.Arrest van 17 april 2012, Kof en Liberda tegen Oostenrijk, app.no. 1598/06.
14.Arrest van 19 november 2014, Senchishak tegen Zwitserland, app.no. 5049/12.
15.Arrest van 20 september 2011, A.A. tegen Verenigd Koninkrijk, app.no. 8000/08.
16.Arrest van 10 oktober 1994, Gül tegen Zwitserland, app.no. 23218/94.
17.Beslissing van 28 juni 1995, Jankovic tegen Oostenrijk, app.no. 25777/94.
18.Arrest van 7 november 2000, Kwakye-Nti en Dufie tegen Nederland, app.no. 31519/96.
22.Vergelijk bijvoorbeeld par. 150 van K. en T. tegen Finland, arrest van 12 juli 2001, ECLI:CE:ECHR:2001:0712JUD002570294 en par. 108 van Kruškić tegen Kroatië, arrest van 25 november 2014, ECLI:CE:ECHR:2014:1125DEC001014013; hierna: het arrest Kruškić.
24.Tanda-Muzinga t. Frankrijk, 10 juli 2014, 2260/10.