Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een alleenstaande minderjarige vreemdeling uit Guinee-Bissau, diende in januari 2020 een asielaanvraag in die in juli 2021 werd afgewezen. Omdat nader onderzoek naar adequate opvang in het land van herkomst noodzakelijk was, werd geen terugkeerbesluit genomen. Eiseres stelde de staatssecretaris in december 2022 in gebreke wegens het niet tijdig nemen van een terugkeerbesluit of het verlenen van een buitenschuldvergunning.
De staatssecretaris voerde aan dat de ingebrekestelling prematuur was en dat de beslistermijn rechtsgeldig was verlengd vanwege onvoldoende medewerking van eiseres. De rechtbank oordeelde echter dat de beslistermijn van één jaar al was verstreken en dat een verlenging van een reeds verlopen termijn niet rechtsgeldig is. Ook was er geen sprake van onvoldoende medewerking van eiseres zelf.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend had gehandeld en dat het beroep gegrond was. De staatssecretaris werd opgedragen binnen twee weken alsnog een besluit te nemen en een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding van deze termijn werd opgelegd, met een maximum van €7.500. Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de staatssecretaris binnen twee weken alsnog een besluit te nemen en legt een dwangsom op bij overschrijding.