ECLI:NL:RBDHA:2024:6062
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag wegens prematuur ingediend
Eiser diende op 5 mei 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou op 5 november 2023 eindigen. De staatssecretaris verlengde deze termijn met negen maanden op grond van het WBV 2023/3 vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen.
Eiser stelde de staatssecretaris op 6 november 2023 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en diende op 22 november 2023 beroep in tegen het uitblijven van een besluit. De rechtbank oordeelde dat de ingebrekestelling prematuur was omdat de verlenging rechtsgeldig was en het beroep daarom niet voldoet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, Awb.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt op 24 april 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.