ECLI:NL:RBDHA:2024:5847
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag van 13 oktober 2022 om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft niet gereageerd op verzoeken om stukken aan te leveren of een verweerschrift in te dienen.
De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig nemen van het besluit gelijkstaat aan een besluit en vernietigt dit. Gezien de bijzondere omstandigheden, waaronder het ontbreken van inzicht in de stand van zaken van het onderzoek en het niet reageren van verweerder, legt de rechtbank een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 op voor het overschrijden van deze termijn. Tevens wordt een bestuurlijke dwangsom van €1.442 vastgesteld wegens overschrijding van de wettelijke beslistermijn. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser ter hoogte van €437,50.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen met oplegging van dwangsommen.