ECLI:NL:RBDHA:2024:5653
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen verblijfsvergunning asiel
Eiseres diende op 28 juni 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris moest op grond van de Vreemdelingenwet 2000 binnen zes maanden een besluit nemen, met een mogelijke verlenging van maximaal negen maanden bij een grote toestroom van aanvragen.
De staatssecretaris verlengde de beslistermijn rechtsgeldig met negen maanden op basis van het WBV 2023/3, aangezien er sprake was van een uitzonderlijke situatie met veel aanvragen. Hierdoor liep de beslistermijn niet af op 28 december 2023, maar later.
Eiseres stelde de staatssecretaris op 29 december 2023 in gebreke en stelde vervolgens beroep in tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelde dat deze ingebrekestelling prematuur was en dat het beroep daarom niet voldeed aan de vereisten van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaarde het beroep dan ook kennelijk niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.D. Overmars en griffier M.A. Postma.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een geldige verlenging van de beslistermijn.