ECLI:NL:RBDHA:2024:2530
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinoverdracht aan Zwitserland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Nederland heeft op 14 december 2023 een verzoek tot terugname naar Zwitserland gestuurd, dat op 15 december 2023 is aanvaard.
Eiser stelt dat hij bij overdracht aan Zwitserland risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro, omdat hij hoogstwaarschijnlijk geen opvang zal krijgen en onvriendelijk behandeld wordt. Hij verwijst naar jurisprudentie waarin het belang van het individuele verhaal in Dublinzaken wordt benadrukt.
De rechtbank oordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij eiser een hoge bewijslast heeft om aan te tonen dat Zwitserland zijn verplichtingen niet nakomt. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij geen opvang zal krijgen of dat er sprake is van structurele tekortkomingen in Zwitserland. De staatssecretaris heeft het besluit voldoende gemotiveerd en mocht het verzoek niet in behandeling nemen.
De rechtbank concludeert dat de omstandigheden van eiser niet bijzonder genoeg zijn om af te zien van overdracht aan Zwitserland wegens onevenredige hardheid. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de overdracht aan Zwitserland blijft in stand.