ECLI:NL:RBDHA:2024:22437
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in WOZ-zaak wegens gebrek aan gegronde partijdigheidsgrond
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die de WOZ-waarde van haar woning behandelde, stellende dat de rechter het recht onjuist toepaste en internationale verdragen negeerde. Zij wilde onder meer dat de zaak openbaar werd behandeld en dat de bewijslast bij de heffingsambtenaar werd gelegd.
De wrakingskamer oordeelde dat onjuiste rechtstoepassing of motivering van procesbeslissingen geen geldige wrakingsgrond is, aangezien wraking geen verkapt rechtsmiddel is. De rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, en verzoekster moest concrete aanwijzingen voor vooringenomenheid aanvoeren, wat niet is gebeurd.
Nieuwe wrakingsgronden die later werden ingediend, werden niet meegenomen omdat deze herhalingen waren en niet voldeden aan de eis van gelijktijdige indiening. De wrakingskamer wees het verzoek af en bepaalde dat de procedure ongewijzigd wordt voortgezet.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan concrete aanwijzingen voor partijdigheid.