ECLI:NL:RBDHA:2024:20294
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na uitspraak op beroep
De vreemdeling, zich noemende Mohammed Amine Bel Hadj, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag is door de minister van Asiel en Migratie op 25 oktober 2024 afgewezen als kennelijk ongegrond. Tegen dit besluit is beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 26 november 2024 behandeld. Tijdens de zitting waren zowel verzoeker als de gemachtigde van de minister aanwezig.
Naar aanleiding van de uitspraak op het beroep in zaaknummer NL24.41873 is het verzoek om voorlopige voorziening overbodig geworden. De voorzieningenrechter heeft daarom het verzoek afgewezen en geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak inmiddels is beslist.