Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer] ,
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse staatsburger, diende op 6 mei 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk reeds verantwoordelijk was voor de behandeling, geconstateerd via Eurodac en bevestigd door een terugnameverzoek dat Frankrijk accepteerde.
Eiser voerde aan dat verweerder niet voortvarend handelde en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt vanwege zijn eerdere negatieve ervaringen in Frankrijk, waaronder het ontbreken van opvang en klachtenmogelijkheden. Hij stelde dat terugkeer naar Frankrijk onevenredige hardheid zou betekenen.
De rechtbank oordeelde dat aan de termijnen van de Dublinverordening was voldaan en dat verweerder geen wettelijke grond had om eerder te beslissen. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft van toepassing, aangezien eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij een reëel risico op onmenselijke behandeling loopt of dat er ernstige tekortkomingen zijn in het Franse systeem.
Ook werden de eerdere ervaringen van eiser in Frankrijk niet relevant geacht voor de beoordeling van de toekomstige situatie. Verweerder hoefde de aanvraag niet inhoudelijk te behandelen en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.