ECLI:NL:RBDHA:2024:19932
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel grensbewaking en schadeverzoek
Bij besluit van 8 november 2024 is aan eiser een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld, dat tevens geldt als verzoek om schadevergoeding. De zaak is schriftelijk behandeld.
Eiser stelde dat bij de uitreiking van het besluit gebruik is gemaakt van een niet-beëdigde tolk Frans, terwijl hij een tolk Wolof nodig had. De rechtbank overwoog dat het gebruik van een niet-beëdigde tolk alleen is toegestaan indien een beëdigde tolk wegens spoed niet beschikbaar is en dat dit schriftelijk en gemotiveerd moet worden vastgelegd.
Uit het proces-verbaal bleek dat geen beëdigde tolk Frans beschikbaar was en dat dit tijdig schriftelijk was gemotiveerd. Er waren geen communicatieproblemen vastgesteld en het verzoek om een tolk Wolof was niet onderbouwd. De rechtbank oordeelde dat de maatregel niet onrechtmatig was en wees het beroep en het schadeverzoek af.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.