ECLI:NL:RBDHA:2024:19666
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit uitsluiting studenten van energietoeslag 2022 wegens strijd met gelijkheidsbeginsel
Eiser, een student, vroeg in 2022 tweemaal een eenmalige energietoeslag aan bij het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Beide aanvragen werden afgewezen, aanvankelijk met de motivering dat studiefinanciering een voorliggende voorziening is, later met de grondslag dat studenten op grond van de beleidsregel categorisch zijn uitgesloten van de toeslag.
De rechtbank oordeelt dat het college ten onrechte heeft aangenomen dat studiefinanciering een passende voorliggende voorziening is. Daarnaast is het categorisch uitsluiten van studenten in strijd met het discriminatieverbod en het gelijkheidsbeginsel, omdat studenten zich in vergelijkbare financiële en woonsituaties bevinden als andere minima die wel toeslag ontvangen.
Hoewel het college een legitiem doel nastreeft om overcompensatie te voorkomen en administratieve lasten te beperken, is het onderscheid onvoldoende doelmatig en niet proportioneel. De rechtbank wijst op alternatieven die minder vergaand zijn en onvoldoende zijn onderzocht door het college.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het college op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het besluit van het college dat studenten categorisch uitsluit van de energietoeslag 2022 wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen.