ECLI:NL:RBDHA:2024:18535
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit nareis en oplegging nadere beslistermijn
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht definitief toegewezen.
De aanvraag is ingediend op 16 oktober 2023, waarna verweerder de beslistermijn van 90 dagen met drie maanden heeft verlengd. Desondanks is er tot de datum van uitspraak geen besluit genomen. Eisers hebben verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en tijdig beroep ingesteld. De rechtbank stelt vast dat het beroep kennelijk gegrond is.
De rechtbank oordeelt dat bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning sprake is van een bijzonder geval, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken passend is. Daarom legt zij een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met de mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Verweerder wordt tevens veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, met een maximum van €7.500, en tot vergoeding van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442. Daarnaast worden de proceskosten van eisers vastgesteld op €437,50. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert op 11 november 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en proceskosten.