Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Gronden van beroep
Ausweisung), omdat slechts het
“Bundesgebiet”wordt genoemd. [12] Dit Duitse inreisverbod heeft dus geen Europese dimensie, omdat eiser niet de toegang tot en het verblijf op het grondgebied van alle lidstaten wordt ontzegd maar slechts op dat van Duitsland.
Uit vaste rechtspraak van de Afdeling volgt dat verweerder in beginsel van de juistheid van een individueel ambtsbericht van de AIVD mag uitgaan, als uit dat ambtsbericht op objectieve, onpartijdige en inzichtelijke wijze blijkt welke feiten en omstandigheden aan de conclusie in dat ambtsbericht ten grondslag zijn gelegd en deze conclusie niet onbegrijpelijk is zonder nadere toelichting. In dat geval bestaat er voor verweerder geen aanleiding om de aan dat ambtsbericht ten grondslag liggende stukken in te zien. Dit is anders als de vreemdeling concrete aanknopingspunten voor twijfel aan de juistheid of volledigheid van dat ambtsbericht naar voren heeft gebracht. Naarmate de bevindingen in het individueel ambtsbericht echter minder scherp omlijnd zijn, mogen ook de aangevoerde concrete aanknopingspunten minder scherp omlijnd zijn. Het zou immers niet in evenwicht zijn als de ingenomen stelling in het individueel ambtsbericht een zekere mate van abstractie of algemeenheid vertoont, terwijl daarna de daarop uitgeoefende kritiek zou worden afgewezen omdat die onvoldoende concreet is. Dit toetsingskader staat er niet aan in de weg dat de rechter vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid voor het waarborgen van het recht op een eerlijk proces, inzage in de onderliggende stukken vraagt. [14]
Het beroep is gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd. De rechtbank bepaalt echter dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit geheel in stand blijven. [18]
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit geheel in stand blijven;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 3.281,25.
www.rechtspraak.nl.