ECLI:NL:RBDHA:2024:14911
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit MVV-aanvraag nareis familieleden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) voor nareis van zijn ouders en verlenging van MVV voor zijn minderjarige broers en zussen met het verblijfsdoel 'Verblijf als familie- of gezinslid'. De aanvraag werd ingediend op 12 mei 2023, waarna verweerder de beslistermijn met drie maanden verlengde, waardoor uiterlijk 10 november 2023 een besluit had moeten volgen. Deze termijn werd echter overschreden zonder besluit.
Eiser stelde verweerder op 16 december 2023 rechtsgeldig in gebreke en diende op 6 maart 2024 tijdig beroep in. De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en stelt een termijn van acht weken na verzending van de uitspraak vast waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €7.500, en veroordeelt verweerder tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442. Tevens worden de proceskosten van €437,50 en het griffierecht van €187 aan eiser toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack op 16 september 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.