ECLI:NL:RBDHA:2024:1460
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, besloot niet tijdig op deze aanvraag. Eiser stelde verweerder schriftelijk in gebreke en diende vervolgens beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank overwoog dat volgens de Algemene wet bestuursrecht een ingebrekestelling pas na het verstrijken van de beslistermijn mag worden gedaan. Door het besluit WBV 2022/22 was de beslistermijn voor asielaanvragen die op 27 september 2022 nog niet verstreken waren met negen maanden verlengd. Eiser diende zijn aanvraag op 10 september 2022 in, waardoor de verlengde termijn tot 10 december 2023 liep.
De ingebrekestelling van eiser op 11 oktober 2023 was dus prematuur. Hierdoor was het beroep niet ontvankelijk omdat niet aan de wettelijke voorwaarden was voldaan. De rechtbank wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling en verwees naar eerdere jurisprudentie ter motivering.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.