ECLI:NL:RBDHA:2024:13259
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. Garabetian
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens veilig derde land Verenigd Koninkrijk en inreisverbod
Eiser, van Jemenitische nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel na verblijf in Nederland. Verweerder wees de aanvraag af en verklaarde deze niet-ontvankelijk, stellende dat het Verenigd Koninkrijk een veilig derde land is waar eiser naartoe kan gaan vanwege zijn huwelijk met een Britse.
Eiser betwistte het bandencriterium en de toelating tot het Verenigd Koninkrijk, wijzend op een afgewezen toeristenvisum en vermeende discriminatie. Ook stelde hij dat het terugkeerbesluit en het inreisverbod disproportioneel zijn.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiser een band heeft met het Verenigd Koninkrijk en dat toelating in beginsel mogelijk is. De afwijzing van het toeristenvisum in 2020 was onvoldoende om toelating uit te sluiten, zeker nu eiser geen nieuwe pogingen heeft ondernomen.
Verder was het niet onzorgvuldig dat verweerder niet wachtte op een afschrift van de visumweigering. Het inreisverbod werd niet onrechtmatig geacht, omdat eiser naar het land van zijn echtgenote moet reizen en geen aantoonbare aantasting van zijn privéleven is gebleken.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod blijft van kracht.