ECLI:NL:RBDHA:2024:12315
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een houder van een asielvergunning. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend, waarna de rechtbank zonder zitting uitspraak deed.
De rechtbank stelde vast dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, had overschreden zonder besluit te nemen. Eiseres stelde verweerder rechtsgeldig in gebreke en diende tijdig beroep in. De rechtbank oordeelde dat het beroep kennelijk gegrond is.
Gezien de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij asielvergunninghouders, legde de rechtbank een nadere beslistermijn van acht weken op, met de mogelijkheid tot twintig weken indien nader onderzoek nodig is. Tevens werd een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd.
Verweerder werd veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 en de proceskosten van €437,50 aan eiseres. De uitspraak werd gedaan door rechter S.E. van de Merbel op 5 augustus 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.