ECLI:NL:RBDHA:2024:1156
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken opzet bij verleiding minderjarige tot ontuchtige handelingen
De rechtbank Den Haag heeft verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van verleiding van een minderjarige tot ontuchtige handelingen. De zaak betrof een incident tijdens een huisfeest waarbij verdachte en aangeefster, een zestienjarige, fysiek contact hadden. Hoewel verdachte meerdere malen aan de billen van aangeefster zat, kon de rechtbank niet vaststellen dat verdachte zich bewust was van het feitelijke overwicht dat hij had door het leeftijdsverschil en de dronken toestand van aangeefster.
De rechtbank oordeelde dat het voorval spontaan plaatsvond zonder voorafgaand contact en dat aangeefster zelf naar verdachte toe bewoog. Er was onvoldoende bewijs dat verdachte opzettelijk misbruik maakte van zijn overwicht om aangeefster tot ontuchtige handelingen te bewegen of deze te dulden. Wel was sprake van lichtzinnig en onachtzaam handelen van verdachte, maar dit leverde geen strafrechtelijk opzet op.
De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding, maar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken. De rechtbank bepaalde dat de benadeelde partij haar vordering bij de burgerlijke rechter moet indienen. De kosten van het geding worden door partijen ieder voor eigen rekening gedragen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van opzet op het bewegen van minderjarige tot ontuchtige handelingen.