ECLI:NL:RBDHA:2024:11016
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit verlening machtiging voorlopig verblijf nareis
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank heeft het verzoek om griffierechtvrijstelling wegens betalingsonmacht toegekend.
De aanvraag werd op 16 september 2022 ingediend, met een beslistermijn van 90 dagen die door verweerder met drie maanden werd verlengd. De uiterste beslisdatum was 12 april 2023, maar verweerder nam geen besluit. Eisers stelden verweerder op 17 april 2023 in gebreke en dienden op 2 mei 2023 beroep in, wat tijdig was.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en stelt een nadere beslistermijn van zestien weken vast, waarbij verweerder een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 moet betalen bij overschrijding. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442 en de proceskosten van €437,50. De rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie voor de motivering van de langere beslistermijn bij aanvragen gezinshereniging.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.