ECLI:NL:RBDHA:2024:10921
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft geen zitting gehouden omdat partijen daarmee instemden en sloot het onderzoek schriftelijk.
De kern van het geschil betreft de geldigheid van de ingebrekestelling die eiser heeft gestuurd. Volgens eiser was deze niet prematuur, maar verweerder stelde dat de beslistermijn door het WBV 2023/3 met negen maanden was verlengd, waardoor de ingebrekestelling te vroeg was. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is geoordeeld dat de verlenging van de beslistermijn door het WBV 2023/3 rechtsgeldig is.
Eiser diende zijn aanvraag op 20 oktober 2023 in, waardoor de beslistermijn verlengd werd tot 20 januari 2025. De ingebrekestelling van 22 april 2024 was dus prematuur. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de voorwaarden van artikel 6:12 Awb Pro en is het niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling te vroeg is ingediend vanwege de verlengde beslistermijn.