ECLI:NL:RBDHA:2024:1037
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet-tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 25 maart 2023. De wettelijke beslistermijn van zes maanden, zoals bepaald in artikel 42 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, is verstreken zonder dat een besluit is genomen. Eiser stelde de staatssecretaris rechtsgeldig in gebreke, waarna het beroep werd ingediend.
De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit en verklaart het beroep gegrond. De staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Daarbij wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd, met een maximum van €7.500, voor iedere dag dat de termijn wordt overschreden.
Verder veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €437,50. De uitspraak is gebaseerd op relevante wetsartikelen uit de Awb en de Vreemdelingenwet, en houdt rekening met jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken alsnog te beslissen, met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.