ECLI:NL:RBDHA:2024:1035
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechter wijst beroep toe wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag en legt dwangsom op
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 26 juni 2022. Verweerder had het eerdere besluit van afwijzing ingetrokken en een nieuwe beslissing toegezegd, maar de wettelijke beslistermijn van zes maanden werd overschreden zonder nieuwe beslissing.
De rechtbank constateert dat verweerder in gebreke is gesteld en dat het beroep kennelijk gegrond is. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen acht weken na verzending van de uitspraak een nieuw gehoor af te nemen en binnen zestien weken een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 voor elke dag dat verweerder in gebreke blijft. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiser tot een bedrag van €437,50.
De uitspraak sluit aan bij jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waarbij het 8+8-weken model voor de behandeling van asielaanvragen wordt gehanteerd en het belang van zorgvuldigheid in besluitvorming wordt benadrukt.
De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en griffier E.C. Jacobs en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit wordt vernietigd, en verweerder wordt opgedragen binnen gestelde termijnen een nieuw besluit te nemen onder dwangsom.