ECLI:NL:RBDHA:2024:10321
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten mentorschap wegens draagkracht en ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiser heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van een door de rechtbank ingesteld mentorschap, bestaande uit een maandelijkse vergoeding en een eenmalige aanvangsvergoeding. Verweerder wees dit af omdat eiser voldoende draagkracht uit zijn vermogen heeft om deze kosten te dragen. Eiser stelde dat het mentorschap hem is opgelegd en dat het spaargeld bedoeld is voor toekomstige studie, waardoor afwijzing onevenredige gevolgen zou hebben.
De rechtbank beoordeelde dat de kosten noodzakelijk zijn, maar dat het ontbreken van een netwerk om hulp te bieden en de toekomstige studiewens geen bijzondere omstandigheden vormen die afwijken van het beleid rechtvaardigen. De draagkracht uit vermogen is voldoende om de kosten te dekken en verweerder heeft een evenwichtige belangenafweging gemaakt.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond, handhaafde het besluit tot afwijzing van bijzondere bijstand en wees zij terugbetaling van griffierecht en proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door rechter Bannink op 22 maart 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor mentorschapskosten wordt ongegrond verklaard.