ECLI:NL:RBDHA:2023:9308
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep asielaanvraag
Verzoeker diende op 14 november 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 25 april 2022. De staatssecretaris nam op 28 februari 2023 een inwilligend besluit. Verzoeker trok daarop op 2 maart 2023 het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden door het WBV 2022/22 met negen maanden was verlengd, waardoor de ingebrekestelling en het beroep prematuur waren en niet-ontvankelijk. Er was dus geen sprake van geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot proceskostenvergoeding af als kennelijk ongegrond en zag geen aanleiding tot veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het beroep.